

De geschiedenis van de Weierhof
Een beknopt overzicht van de geschiedenis van de Weierhof en het ontstaan van de doopsgezinde gemeente aldaar.
1682 is het stichtingsjaar van de doopsgezinde gemeente Weierhof (tegenwoordig Bolanden-Weierhof).
De Weierhof zelf is eigenlijk al veel ouder. Er zijn aanwijzingen voor een laat romijnse oorsprong. De oudste overleveringen betreffende het bestaan van een Hof (hoeve) gaan terug tot de tijd der Franken rond 760 n.C. Onder het beheer van het koninklijk hof te Albisheim (Albulfi Villa) gaat Willare daarmee gezamenlijk over aan het bezit der Karolinger.
De eerste oorkondelijke vermelding stamt uit het Jaar 835 n.C. als door Ludwig den Frommen Willare geschonken wordt aan het klooster Pfrüm in de Eifel.
Reeds rond 1000 n.C. bestaat de Weierhof uit ongeveer 9 boerderijen en meerdere bijgebouwen.
Rond 1122 schenkt Werner de Eerste van Bolanden de Weierhof aan het nieuw gestichte klooster Hane te Bolanden (en dat, terwijl hij de Weierhof niet eens bezit). De daaruit resulterende rechtsstrijd tussen de beide kloosters wordt in Rome uitgevochten. Dat kan als een bewijs voor de reeds toendertijd belangrijke lokatie en waarde van het hofbestand gezien worden.
1183 bevestigt Paus Lucius III, dat het hofbestand te Wilre bij het klooster Hane behouden blijft. In de desbetreffende oorkonde wordt voor de eerste keer een kapell te Wilre genoemd, die ouder dan het klooster Hane zijn moet. De restanten van de buitenmuren van deze kapel zijn tot op de dag van vandaag nog in een kelder van een van de boerderijen terug te vinden.
1635 In de chaos van de 30-jarige oorlog leidt de hele regio onder de plunderingen en brandschattingen door de keizerlijke troepen . Ook de Weyerhof wordt zwaar getroffen. Als enigen overleeft de familie Jakob Sülz de verschrikkingen van deze oorlog. Bij gebrek aan mensen vervalt het hofbestand met meer dan 600 Morgen ( ca 150 ha) akkers, weiden en bossen echter zienderogen.
Tussen 1635 en 1682 komt het herhaaldelijk tot plunderingen en brandschattingen. De pest draagt het zijne daar aan bij. Pachters van het erfgoed zijn de reeds genoemde familie Jakob Sülz, een zekere Theis Bohn en de molenaar Hans-Steffen Sülz. Uiteindelijk gaat het komplete erfgoed echter over aan de Zwitserse doper Peter Crayenbühl. Hem en zijn familie wordt toegestaan "die Wiedertäuferische Religion nur privat zu exerzieren".
In 1689 vernietigen Franse troepen de Bolander burcht en ook de Weierhof ontkomt deze storm niet ongeschonden.
In 1706 gaat het bezit van de Weierhof in het kader van de "Polander Tausch" over aan het huis Nassau-Weilburg, waarvan een zijtak in Kirchheim resideert.
In 1707 wordt het hofbestand in vijf delen aan de nakomelingen van Peter Crayenbühls (Krehbiel) verleend.
In 1712 wordt "Ulli's Hof"gebouwd. Deze is nog verregaand in zijn oorspronkelijke vorm voorhanden. In dezelfde tijd ontstaan nog twee boerderijen in de oude dorpskern van de Weierhof.Voor kerkdiensten treffen de bewoners zich in de bovenkamer van de "Adamhof".
In 1771 wordt de eerste Kerk gebouwd. Tegenwoordig dient de basis van deze kerk als samenkomstruimte op het kerkhof .Nog steed mogen de Dopers geen kerken bouwen en daarom stemt de overheid de bouw alleen maar toe onder voorwaarde, dat het gebouw in ieder geval niet als kerk herkenbaar is. Er mogen geen rondboogramen en geen klokkentoren aanwezig zijn.
In 1804 wordt de Weierhof op aanwijzing van Napoleon, die dringend om geld verlegen zat, verkocht.De voormalige kolonel van het Franse leger, Ernst-Christian von und zu Humboldtstein, biedt voor het erfpachtrecht van de Weierhof 9.244 Francs en 21 Centimes. Reeds in 1821 verkopen zijn erfgenamen het hofbestand voor 5.806,- Gulden aan de Joodse kooplieden Steinach en Goldschmitt uit Mainz. Tot 1851 heeft het geduurd, voordat de boeren op de Weierhof zich volledig vrijgekocht hadden.
In 1837 telt de Weierhof 10 boerderijen met ca. 60-80 bewoners. Geloofsgenoten uit de wijdere omgeving komen eveneens naar de kerk op de Weierhof. De oude "Lehr" is echter te klein gworden. Naar het voorbeeld van een Quäkerkerk in Tottenham (Engeland) wordt een nieuwe kerk, het "Bethaus" gebouwd. Een foto van de kerk is op deze homepage te zien. De kosten van de toenmalige bouw bedroegen 3.298 Gulden.
In 1867 sticht Michael Löwenberg, leraar aan de lagere school van de Weierhof, een hogere Leer- en opvoedingsinrichting voor "knapen van alle geloven". De hoop bestond, dat daardoor ook een opleiding voor doopsgezinde predikaten tot stand kon komen.
In 1869 kon de school in een eigen gebouw, het zogenaamde "Anstaltgebäude" verhuizen. Net zoals bij de bouw van de kerk was men ook nu weer op veel giften, darronder van vele buitengemeentelijke Doopsgezinden, aangewezen. De Doopsgezinde gemeente Hamburg-Altona stelde bijvoorbeeld het geld voor het grondstuk ter beschikking.
We schrijven het jaar 1884. Na een aantal moeilijke beginjaren neemt de oud-leerling Dr. Ernst Göbel - op de leeftijd van 24 , de schoolleiding ter hand en ontwikkelt deze in de daaropvolgende decennia onder de vlag van "Realanstalt (middelbare school) am Donnersberg" tot een der belangrijkste internaten in de Palts. Tegenwoordig bestaat deze Realanstalt na vele bewogen jaren nog steeds als internaat en Gymnasium Weierhof.
In 1909 krijgen alle huizen en bedrijven op de Weierhof een eigen aansluiting op een (in eigen regie beheerd) waterleidingnet. Geld voor het watergebruik hoeft 25 jaar lang niemand te betalen. De renteopbrengst van het nog overgebleven bouwkapitaal is tot het moment van de grote inflatie (1929-1935) hoog genoeg om de bedrijfskosten te dekken.
In 1925 neemt Christian Neff, sinds 1887 predikant van de Gemeente Weierhof, het initiatief voor een herdenkingsplechtigheid ter gelegenheid van het 400-jarige bestaan der Doopsgezinden in Basel en Zürich. In 1930 volgt dan een grote konferentie in Danzig en in 1936 vindt de eerste Doopsgezinde Wereldkonferentie in Amsterdam plaats. Deze staat dan al in het teken van de opkomende repressie in het buurland. Voor zijn verdiensten veleend de Universiteit van Zürich Christian Neff het Eredoctoraat in de theologie.
In 1941 wordt de middelbare school, die intussen tot een hogere burger school uitgegroeid was, in een zogenaamde "Nationalpolitische Erziehungsanstalt -Napola" veranderd. Deze wijziging betekende tegelijkertijd een massieve misachting van het verdrag van 1936 voor de garandeerde christelijk-vaderlandse traditie door het gewest Saar-Palts. Vier lange jaren moest deze tijd van indoktrinatie door een Herrenvolk en zijn schrikbeeld van een duizendjarig rijk duren.
In 1945 bestormt het Amerikaanse leger tezamen met Franse troepen de Palts. Generaal Patton vestigt zijn hoofdkwartier op het schoolterrein. Voor de bewoners van de Weierhof betekent dit vooreerst een noodkwartier in de kerk.
1947: Uit het hoofdkwartier van een vier-sterren generaal wordt een garnizoensverblijf. Pas aan het einde van de jaren vijftig worden alle gebouwen op het schoolterrein door de Amerikanen en Franzen weer vrijgegeven. Al in 1951 wordt een poging ondernomen om de school weer terug te krijgen. Maar er is hulp van invloedrijke Doopsgezinden met kontakten naar het Witte Huis in Washington nodig, om het gebouwenkomplex door een akte in het kadaster weer aan de oorspronkeliijke eigenaren te overhandigen. De inbeslagname eindigt officieel echter pas in 1958.
In 1959 begint de "Heimschule Weierhof am Donnersberg" weer met haar werk. De evangelische Landeskirche ondersteunt de school daarbij aktief..
In 1962 zijn de nakomelingen van de emigranten uit 1682 nog steeds aanwezig als landbouwers op hun 8 boerderijen. Mechanisatie en ruilverkaveling zorgen voor goede bedrijfsomstandigheden.
In 1966 gaat met de bouw van het eigen Doopsgezinde dorpscentrum een droom in vervulling . Het gebouw levert ruimte voor jeugdwerk, ontmoetingen en natuurlijk familiefeesten.
In 1980 wordt de kerk kompleet gerenoveerd. Het plafond wordt met houtpanelen afgesloten. Er komt een vloerverwarming en er is geld voor nieuwe banken en ramen. Kort daarop kan ook het nieuwe orgel feestelijk in gebruik genomen worden.
Vanaf 1992 ontspant de politieke situatie in Europa
zienderogen. De US-strijdmacht trekt zich uit meerdere steunpunten in de
regio terug. De wooneenheden op de Weierhof worden geruimd en aan de
Duitse regering overhandigd. Daaropvolgend koopt de gemeente Bolanden
het konversie-objekt "Woonbuurt Weierhof" en verkoopt het aan een belegger.
De woningen worden kompleet gerenoveerd en ten dele verkocht, de meeste
worden verhuurd. Intussen zijn vele nieuwe bouwkavels en een klein
handelscentrum aan het projekt toegevoegd. In de korste keren groeit het
bewonersaantal van ca 200 tot meer dan
800.
De Weierhof dreigt uiteen te breken in een oude en een nieuwe kern. Een
kloof tussen de traditionele dorpsgemeenschap en een anonyme nieuwbouwwijk
lijkt bijna onvermijdelijk, om maar te zwijgen deze te kunnen overbruggen.
Maar de oude doprsgemeenschap van de Weierhof, met haar innige
verbondenheid met de Doopsgezinde Gemeente probeert van het begin af aan
een basis voor de nieuwe leefgemeenschap te bieden. Traditie betekent hier
niet het zich afscheiden of aanmatigen beter / anders te zijn maar versterkt de
zaamhorigheid, de samenwerking en de openheid voor nieuwe bewoners en
gasten.
Als zichtbaar bewijs voor deze openheid en
zaamhorigheid is het Weierhöfer Straatfeest, dat onstaan is uit de
traditie van de zomernachtfeesten van de boerenfamilies op de Weierhof.
Ook op deze homepage zijn beelden van deze nieuwe traditie te vinden. En
het is deze Doopsgezinde Gemeente die met al het ereambtlijke engagement
van al haar leden en met haar "Kirch uff de Gass"
onlosmakelijk met het initiatief "Weierhöfer Straßenfest"
verbonden is. Gezamenlijk met de vertegenwoordigers van andere
kerkgemeenten uit Bolanden en omgeving sluit de Doopsgezinde Gemeente
Weierhof traditoneel het straatfeest af met een passende oecumenische
kerkdienst.
In 1996, 1997, en 1999 werden de eerste drie straatfeesten georganiseerd.
In 2001 voor het eerst en zeker niet voor de laatste keer in de
nieuwe wijk van de Weierhof.
De Doopsgezinde Gemeente Weierhof toont zich als een
in haar traditie vastgewortelde, maar met haar tijd meegaande kerkgemeenschap met
jaarlijks wederkerende aktiviteiten en bijdragen binnen en buiten haar kerkelijke
gemeentegrenzen. De geschiedenis van de gemeente is er
een in deze wereld en van deze wereld, en ze wordt dagelijk verder
geschreven....
Met dank aan Hermann König († 2007) voor zijn verzamelen van historische gebeurtenissen.